
Gipsplaten schuren doe je na het plamuren, om de wand of het plafond helemaal glad te krijgen voor je gaat schilderen of behangen. Het gaat om het wegslijpen van oneffenheden, ribbels en plamuursporen, zodat het oppervlak strak en egaal is. Doe je het verkeerd, dan zie je na het schilderen alsnog alle strepen en kuiltjes terug. Met de juiste aanpak en het juiste schuurpapier voorkom je dat.
Wanneer begin je met schuren?
Wacht altijd tot de plamuur volledig droog is. Verse plamuur is nog zacht en smeert uit bij het schuren, in plaats van weg te slijpen. Voel je dat de plamuur mat en hard aanvoelt, dan is het doorgaans droog genoeg. Bij een normale kamertemperatuur van rond de 20 graden en een lage luchtvochtigheid duurt dat al snel 4 tot 8 uur per laag, maar bij een hoge luchtvochtigheid kan dat oplopen tot een volledige dag. Twijfel je? Geef het dan nog een nacht de tijd.
Heb je meerdere plamuurlagen aangebracht, dan schuur je ook na elke laag licht tussendoor. Zo bouw je de gladheid stap voor stap op en voorkom je dat je aan het eind te veel materiaal moet wegslijpen.
Welk schuurpapier gebruik je voor gipsplaten schuren?
Voor gipsplaten gebruik je schuurpapier met een korrelgrootte tussen 80 en 120 voor de eerste, grovere ronde. Daarna schakel je over naar 150 of 180 voor een fijne afwerking. Gebruik je te grof schuurpapier (zoals 40 of 60), dan slijp je te diep in en beschadig je de papierlaag van de gipsplaat. Gebruik je te fijn papier te vroeg, dan duurt het eindeloos lang.
- Korrel 80 tot 100: voor het wegslijpen van dikke plamuurstrepen of ribbelranden
- Korrel 120: voor het glad werken van de vlakken na de eerste laag plamuur
- Korrel 150 tot 180: voor de laatste, fijne ronde voor je gaat schilderen
Hoe schuur je gipsplaten stap voor stap
Begin met een schuurbord of schuurlat in plaats van alleen met je hand. Een schuurlat verdeelt de druk gelijkmatig over het oppervlak, waardoor je vlakker werkt. Schuur je met losse vingers, dan maak je kleine kuiltjes op de plaatsen waar je meer druk zet.
- Bevestig het schuurpapier op een schuurbord of schuurlat.
- Schuur in lange, gelijkmatige halen over de wand. Werk bij voorkeur in één richting, meestal verticaal of diagonaal.
- Veeg na elke ronde het stof weg met een droge doek of kwast. Zo zie je meteen welke plekken nog niet glad zijn.
- Verlicht de wand met een bouwlamp schuin van opzij. Dit laat oneffenheden goed zien die je anders mist.
- Schakel na de grove ronde over naar fijner schuurpapier voor de afwerking.
De schuurlamp: onmisbare truc
Een bouwlamp of werklamp die je schuin op de wand richt, maakt elk hobbeltje en elke streep zichtbaar door de schaduwwerking. Doe dit na elke schuurronde. Zonder die schuin invallende verlichting lijkt de wand glad, maar na het schilderen zie je alsnog alle oneffenheden terug, vooral bij matglanzende of zijdeglanzende verf.
Veel gemaakte fouten bij het schuren van gipsplaten
Een veelgemaakte fout is te hard drukken op de naadvulling boven de gipsplaatvoegen. Die plekken zijn vaak iets boller dan de rest. Door te hard te drukken schuur je daar een kuil in, zodat de naad juist zichtbaar blijft. Werk op die plekken met lichte druk en lange halen.
Een andere fout is schuren terwijl de plamuur nog niet volledig droog is. De plamuur veert dan mee en smeert uit, waardoor je meer lagen nodig hebt in plaats van minder. Geduld bij het drogen bespaart je werk aan het eind.
Tot slot: vergeet hoeken en aansluitingen niet. Juist in binnenhoeken en langs kozijnen blijven plamuurstrepen zitten. Gebruik daar een smaller schuurbord of gevouwen schuurpapier om ook die plekken goed te werken.
Stof opruimen voor je gaat schilderen
Gipsplaten schuren produceert fijn, wit stof dat overal terechtkomt. Draag een stofmasker (minimaal FFP2) en zet een afzuiger of ventilator in de deuropening als dat kan. Na het schuren stofzuig je de wand voorzichtig af met een zachte borstelkop, en vervolgens veeg je de wand na met een licht vochtige doek of een droge verfschilderroller. Laat de wand daarna goed drogen voor je begint met grunderen of schilderen.
Een goed geschuurde gipsplaatwand voelt aan als glad papier: geen ribbels, geen naden, geen plamuurstrepen. Doe de schijnlamptest één laatste keer voor je gaat grunderen, dan weet je zeker dat het resultaat straks ook na het schilderen perfect oogt.
