Tegels leggen in de badkamer is goed zelf te doen, maar vraagt wel om de juiste voorbereiding en volgorde. Begin altijd met de vloer, daarna pas de wanden. Zo voorkom je dat tegelslijpsel en mortel op je net afgewerkte wandtegels terechtkomen. Hieronder vind je een praktisch stappenplan voor zowel de vloer als de wanden, inclusief de materialen die je nodig hebt en de valkuilen die je het beste kunt vermijden.

Wat je nodig hebt voordat je begint

Zorg dat je de juiste materialen klaar hebt liggen voordat je ook maar één tegel legt. Je hebt in ieder geval nodig: tegels (plus zo’n 10 procent extra voor snijverlies), tegellijm (of tegelmortel voor zware vloertegels), voegmortel, een getande lijmkam (meestal 8 of 10 mm tanden voor standaard formaten), waterpas, tegelkruisjes of tegelafstandhouders, een tegelsnijder of -slijper, een rubberen hamer en een scherpe spatel.

Voor een badkamervloer met populaire formaten zoals 60×60 cm heb je extra aandacht nodig voor de vlakheid van de ondervloer. Grote tegels tolereren geen oneffenheden. Een richtlijn die vaklieden hanteren: de vloer mag maximaal 3 mm afwijken per 2 meter. Gebruik een zelfnivellerende egalisatielaag als je twijfelt aan de vlakheid.

Tegels leggen op de badkamervloer: de juiste volgorde

Meet de vloer op en bepaal het middelpunt. Trek twee loodrechte lijnen door de ruimte, zodat je vier gelijke vlakken krijgt. Begin vanuit het midden naar de wanden toe, niet andersom. Zo voorkom je dat je met halve of smalle strippen langs de deur eindigt.

Breng de tegellijm aan op de ondervloer met de gladde kant van de lijmkam, dan kammen met de getande kant. Voor grotere vloertegels (vanaf 40×40 cm) werk je ook aan de achterkant van de tegel zelf een dunne laag lijm. Dit noem je buttering en het zorgt voor een volledige hechting zonder luchtzakken. Leg de tegel neer, druk stevig aan en controleer met een waterpas. Gebruik kruisjes of T-afstandhouders voor gelijkmatige voegen van doorgaans 1,5 tot 3 mm.

Wacht minimaal 24 uur voordat je de voegen aanbrengt, of volg de droogtijd op de verpakking van je lijm. Verwijder de kruisjes voordat de lijm volledig uitgehard is.

Wandtegels zetten in de badkamer

Voor wandtegels gebruik je een lichtere tegellijm dan voor de vloer. Begin niet onderaan de vloer, maar stel een horizontale startlijn in op ongeveer de hoogte van één tegel boven de vloer. Schroef daarvoor een houten lat of metalen regel strak en waterpas tegen de wand. Zo werk je vlak en recht omhoog, ook als de vloer niet perfect waterpas ligt.

Breng de lijm aan op de wand over een oppervlakte van maximaal een halve vierkante meter tegelijk, zodat de lijm niet uitdroogt voordat je een tegel plaatst. Kam de lijm verticaal uit met de getande lijmkam. Druk de tegel stevig en recht aan, gebruik kruisjes en controleer elk tegel met een waterpas. Werk rij voor rij omhoog.

Snijd de tegels langs randen, hoeken en rondom leidingen op maat met een tegelsnijder (voor rechte sneden) of een tegelslijper met diamantschijf (voor ronde uitsneden). Zet afgeknipte randen altijd richting de hoek of de vloer, zodat ze zo min mogelijk opvallen.

Voegen: de afwerking die het verschil maakt

Voegen doe je pas als de lijm volledig droog is. Verwijder eerst alle afstandhouders. Maak de voegmortel aan volgens de instructies op de verpakking en werk met een rubberen voegspatel schuin over de tegels. Vul de voegen volledig en strijkt overtollig materiaal gelijk weg. Laat de mortel kort intrekken en veeg de tegels schoon met een vochtige spons. Herhaal dit totdat de tegels helder zijn.

In de badkamer zijn een paar plaatsen altijd kit, geen voeg. Denk aan de hoeken tussen twee tegelvlakken, de overgang van de vloer naar de wand en rondom een bad of douchebak. Gebruik hier sanitairkit op silicone basis. Die is waterdicht en flexibel, zodat kleine bewegingen in de constructie de afdichting niet scheuren.

Veelgemaakte fouten bij het betegelen van de badkamer

  • De ondervloer of wand niet goed voorbereiden. Stof, vet of loslatende verf zorgt voor een slechte hechting.
  • Beginnen bij een hoek of wand in plaats van het middelpunt. Hierdoor eindigen smalle strippen op de meest zichtbare plek.
  • Te grote oppervlakken lijm tegelijk aanbrengen, zodat de lijm uitdroogt voordat je de tegel plaatst.
  • Grote vloertegels (60×60 cm of groter) zonder buttering leggen, waardoor luchtzakken onder de tegel ontstaan die later kunnen breken.
  • De overgang tussen bad en tegels dichtvoegen in plaats van kiten. Voeg scheurt bij de minste beweging op deze plek.

Kun je tegels over tegels leggen?

In sommige gevallen is het mogelijk om nieuwe tegels te leggen over de bestaande tegels heen. Dat bespaart werk en sloopafval. De voorwaarden zijn wel streng: de onderliggende tegels moeten volledig vast zitten, vlak liggen en niet te dik zijn (de extra hoogte telt op bij deur- en drempelpassages). Schuur het oppervlak licht op en gebruik speciale hechtprimer voordat je de nieuwe lijm aanbrengt. Als er ook maar een paar tegels los zitten, is volledig verwijderen de veiligere keuze.

Tegels leggen in de badkamer kost tijd en vraagt nauwkeurig werken, maar is goed te doen voor wie zich goed voorbereidt. Neem de tijd voor de ondervloer, werk altijd vanuit het midden naar de randen en sla de kitfase nooit over. Dat zijn de drie stappen die het verschil maken tussen een badkamer die er jarenlang goed uitziet en eentje die al snel problemen geeft.